Wat doen we?  Theorie van de vruchtbaarheid


Verminderde vruchtbaarheid


Vruchtbaar | onvruchtbaar?
De verminderde vruchtbaarheid van een paar is meestal het gevolg van een combinatie van factoren. Daarom spreken we in de geneeskunde nog zelden over 'mannelijke' of 'vrouwelijke' onvruchtbaarheid, maar eerder over 'de mannelijke of vrouwelijke factor' in het vruchtbaarheidsprobleem.
Onverklaarde onvruchtbaarheid.
Van idiopathische of onverklaarde onvruchtbaarheid spreken we als de man normaal vruchtbaar blijkt te zijn en er bij de vrouw geen gynaecologische probleemfactoren worden gevonden (ter hoogte van het kleine bekken of in de baarmoeder).
Als het paar – bij geregelde seksuele activiteit – minstens drie jaar vruchteloos heeft geprobeerd om zwanger te worden, noemen we de onvruchtbaarheid idiopathisch.
Of een paar vruchtbaar is of niet hangt af van het antwoord op de volgende vier vragen:
  1. Zijn er (voldoende, gezonde) zaadcellen voorhanden?
  2. Is er (op het juiste ogenblik) een eicel beschikbaar?
  3. Kunnen ze bij elkaar komen?
  4. Kan de bevruchte eicel innestelen?

 

Je bent 'verminderd vruchtbaar' als zwangerschap uitblijft na minstens één jaar van geregelde coïtus zonder enige vorm van geboortebeperking. Dat impliceert dat het antwoord op minstens één van de vier vragen negatief is. Bij veel paren gaat het om verminderde vruchtbaarheid (subfertiliteit); bij een kleiner aantal paren om absolute onvruchtbaarheid (steriliteit of infertiliteit).

 
Bij de man
Bij de vrouw

Bij man en vrouw

Top