Spermadonatie en eiceldonatie

Soms heb je als wensouder(s) nood aan de zaadcellen of eicellen van anderen om je kinderwens te kunnen vervullen. Je bent dan een kandidaat-acceptor.

Eiceldonatie


Als je als vrouw geen of weinig eicellen hebt of als ze om genetische redenen niet bruikbaar zijn, kunnen donoreicellen jouw kans op zwangerschap betekenen.
Het sperma waarmee de eicellen zullen worden bevrucht, is ofwel afkomstig van je (mannelijke) partner, ofwel van een spermadonor.
Als de bevruchting in het labo leidt tot de ontwikkeling van een aantal embryo's, brengen we daarvan één (soms twee) bij jou in de baarmoeder, waar het zich kan nestelen en verder ontwikkelen.
Als er boventallige embryo’s zijn, kunnen we die inbanken voor een eventuele volgende poging.

Er bestaan twee manieren om te doneren: gekend of anoniem. Zie Soorten donatie.
De voorkeur gaat uit naar anonieme donatie, zie Gekend versus anoniem. De voordelen en nadelen.
Maar als de acceptor(en) en de donor dat expliciet verzoeken, is gekende donatie ook een mogelijkheid.


Eiceldonatie ligt heel wat minder voor de hand dan spermadonatie. De behandeling neemt tijd in beslag en kan fysiek ongemak met zich brengen. Het aantal vrijwillige anonieme donoren – d.w.z. jonge vrouwen die een stimulatiebehandeling louter ondergaan om hun eicellen weg te schenken aan een voor hen onbekende acceptor – is dan ook vrij beperkt.

Voor de voorwaarden waaraan een donor moet voldoen, zie Strenge selectie en genetische screening.
Van de regel dat een eiceldonor niet ouder mag zijn dan 35 jaar, kan je alleen afwijken bij gekende donatie en met jouw/jullie uitdrukkelijke toestemming als acceptor(en). 
Als de donatie en MBV-cyclus tot een zwangerschap leidt, zal je in dat geval het advies krijgen om een prenataal onderzoek te laten uitvoeren, bv. een NIPT.

Wat wordt precies verwacht van een eiceldonor?
  • Ze moet bereid zijn om een hormonale behandeling te ondergaan die de eierstokken zal stimuleren om meerdere rijpe eicellen te produceren.
  • Ze moet tijd (kunnen) vrijmaken voor de onderzoeken en bezoeken aan het ziekenhuis, o.m. voor de herhaalde bloedafnames en echografieën.
    • De totale behandeling – zonder de vooronderzoeken – duurt een tweetal weken. 
    • De laatste dagen vóór de eicelpunctie kan de donor een lichte opzetting van de buik ervaren.
    • Soms vormen zich cysten, een op zich vrij onschuldig fenomeen. Alleen als ze zelf hormonen gaan produceren, worden ze via een lichte ingreep onder echografische controle verwijderd. Zie Aanprikken van cysten
  • Zorg voor donoren

    Het CRG besteedt grote zorg aan de medische begeleiding van zijn eiceldonoren. We doen er echt alles aan om vooral het risico op infectie zo minimaal mogelijk te houden

  • Voor het verzamelen van de eicellen moet de donor een eicelpunctie ondergaan.
    Dat is een lichte ingreep, die doorgaans onder plaatselijke verdoving verloopt, maar het blijft een ingreep. Alle nodige medische voorzorgen worden genomen, maar de kans op een infectie is nooit helemaal uit te sluiten. En elke infectie houdt een risico in voor de vruchtbaarheid.
  • Het belangrijkste 'risico' dat een donorvrouw loopt, is – vreemd genoeg – dat ze zelf zwanger wordt tijdens de behandeling. Als ze (nog) geen plannen had in die richting, kan dat een behoorlijk probleem zijn. Daarom moet ze zich een hele tijd onthouden van (onbeschermde) seksuele gemeenschap. 
    • Op het einde van de stimulatiekuur moet de seksuele onthouding volledig zijn. 
    • Daarna, tot enkele dagen na de eicelpunctie, moet de donor zich onthouden van geslachtsgemeenschap zonder condoom. Dat moet voorkomen dat een achtergebleven eicel bevrucht raakt.

Met welk sperma?
Gekende donatie
De behandeling
Anonieme donatie
Wisseldonatie
De behandeling
De eicelbank – efficiënt en patiëntvriendelijk 

In het CRG bestaan twee – eigenlijk drie – formules van eiceldonatie: gekende, anonieme en wisseldonatie. Die overlopen we hierna.
Maar eerst staan we stil bij de bijdrage van de man: hoe en met welk sperma bevruchten we de eicellen?

Met welk sperma? 

Bevruchting: steeds ICSI

Als labotechniek voor de bevruchting gebruiken we bij donatie altijd ICSI, de injectie van één zaadcel in elke eicel. De kans op bevruchting bedraagt bij ICSI negentig procent, wat nodig is voor een redelijke kans op succes van de donatiecyclus.

Het sperma om de eicellen te insemineren, kan afkomstig zijn van twee verschillende bronnen.
  • Inseminatie met donorsperma gebeurt altijd met gedooid sperma uit de spermabank. Donorsperma wordt gebruikt:
    • als de acceptor een alleenstaande vrouw is, of
    • als de wensouders een lesbisch koppel vormen, of
    • als de zaadcellen van de acceptor-man om welke reden ook niet bruikbaar zijn.
  • Ook sperma van een gekende donor wordt nooit vers gebruikt.
    • De donor ondergaat eerst de nodige onderzoeken.
    • Als zijn sperma in orde is bevonden, worden zijn staaltjes ingebankt. 
    • Ze worden gedooid op de dag van de eicelpunctie van de eiceldonor (bij gekende eiceldonatie) of op de dag dat de donoreicellen gedooid worden.
  • Inseminatie met eigen sperma gebeurt bij voorkeur met vers sperma, omdat de kans op bevruchting daarmee aanzienlijk toeneemt.
    • De acceptor-man wordt verwacht op de dag van de eicelpunctie van de eiceldonor voor de aflevering van een vers spermastaaltje. Daarmee worden in het labo – na ‘preparatie van het sperma’ – de donoreicellen geïnsemineerd.
    • Als het voor de man – bv. door geografische omstandigheden – niet mogelijk is om op de juiste dag een vers staaltje te leveren, kan ingevroren sperma gebruikt worden. Dat wordt dan enkele uren voor de inseminatie gedooid.

Gekende donatie  

Als je als acceptor zelf een donor aanbrengt, kan de druk groot zijn om tot gekende donatie over te gaan. In dat geval wordt voor jullie behandeling enkel de eicellen gebruikt van de aangebrachte donor. Klik hier voor de pro’s en contra's.
  • Voor de donor kan haar motivatie zijn dat ze het voor jullie doet. Niet zelden is ze je zus of schoonzus, of een hele goede vriendin.
  • Voor jou/jullie kan de loyauteit meespelen: je hebt iemand als donor gevraagd die jullie vertrouwen, met wie je (familie-)banden hebt, op wie je lijkt, met wie je een (genetische) historiek deelt.
  • Ook is het mogelijk dat gekende donatie het enige alternatief is, bv. als de aangebrachte donor ouder is dan 35 jaar. Of als het een kwestie is van etniciteit.
  • Hoe dan ook gaat gekende donatie altijd gepaard met een consultatie bij de psycholoog, voor zowel de acceptor(en) als de donor.
    Het advies van de psycholoog is bindend.

De behandeling 

Gekende donatie gebeurt met verse eicellen.
  • De eiceldonor doorloopt een IVF-behandeling tot en met de eicelpunctie:
    • de vooronderzoeken,
    • stimulatie van de eierstokken via hormonale inspuitingen,
    • tussentijdse bloedonderzoeken en echografieën,
    • de hCG-inspuiting om de rijping van de eicellen af te ronden, en
    • de eicelpunctie.
  • Aansluitend op de eicelpunctie insemineren we in het labo de donoreicellen met het sperma van je partner of van een donor.
  • Alle embryo's die daaruit ontstaan, worden ingebankt.
  • In een volgende menstruatiecyclus bereiden we jouw lichaam met een specifiek medicatieschema voor op de transfer van één embryo (soms twee) naar je baarmoeder.
  • Daarna wordt de eventuele innesteling ondersteund zoals in elke MBV-cyclus.

Anonieme donatie 

Donoreicellen zijn in beperkte mate afkomstig van vrijwillige donoren, d.w.z. jonge vrouwen die de behandeling louter ondergaan met het doel om eicellen af te staan. Dat noemen we vrijwillige anonieme donatie.

  • De gedoneerde eicellen slaan we op in de eicelbank.
  • Als kandidaat-acceptor die geen eigen donor aanbrengt – bv. omdat je niemand kent die geschikt is of omdat je niemand uit je omgeving wil betrekken bij de behandeling – kom je op de wachtlijst van de eicelbank.
  • De wachttijd bij vrijwillige anonieme donatie varieert van drie maanden tot twee jaar.

Wisseldonatie 

Een andere situatie is dat je als wensouder(s) wel een donor aanbrengt maar de voorkeur geeft aan anonieme donatie – zie gekend versus anoniem voor de voordelen daarvan. Dan kan je overgaan tot wisseldonatie.
  • In ruil voor de (gekende) eicellen van ‘jouw’ donor krijg je anonieme eicellen uit de eicelbank.
  • De eicellen van ‘jouw donor’ worden ingebankt en kunnen zo – anoniem – dienen voor andere wensouders.
  • Zodra de donatie gebeurd is, kan jouw MBV-behandeling van start gaan. Daardoor verlies je de tijdswinst niet die het aanbrengen van een donor oplevert.

De behandeling 

Bevruchting: steeds ICSI

Als labotechniek voor de bevruchting gebruiken we bij donatie altijd ICSI, de injectie van één zaadcel in elke eicel. De kans op bevruchting bedraagt bij ICSI negentig procent, wat nodig is voor een redelijke kans op succes van de donatiecyclus.

  • De eiceldonor doorloopt een IVF-behandeling tot en met de eicelpunctie , zoals hierboven beschreven.
  • De verzamelde cellen worden ingebankt.
  • Eén keer per maand worden beschikbare donoreicellen gekoppeld aan acceptoren op de wachtlijst. Als het jouw beurt is, krijg je daarvan bericht en wordt je behandeling gepland.
    Dan kan de voorbereiding van je lichaam op de embryotransfer – met een specifiek medicatieschema – starten.
  • Op de dag van de ontdooiing van de eicellen zijn er voor de bevruchting drie mogelijkheden.
    • Ofwel word je die dag als acceptor-man in het CRG verwacht voor de aflevering van een vers spermastaaltje.
    • Ofwel heb je van tevoren sperma laten inbanken en wordt dat gedooid op dezelfde dag.
    • Ofwel gebeurt hetzelfde met donorsperma.
  • Als de bevruchting leidt tot de ontwikkeling van een of meerdere kwalitatieve embryo’s:
    • plaatsen we drie tot vijf dagen later één (of twee) verse embryo’s in jouw baarmoeder, en banken we eventuele boventallige embryo’s in, of
    • banken we meteen alle embryo’s in (freeze all) om ze in latere menstruatiecycli bij jou terug te plaatsen.
    • De boventallige embryo’s worden bewaard voor een volgende poging of als je later nog een kind wil. 
  • Na de embryotransfer wordt de eventuele innesteling ondersteund zoals in elke MBV-cyclus.

De eicelbank – efficiënter en patiëntvriendelijker  

De mogelijkheid om eicellen in te banken bestaat sinds de ontwikkeling van de vitrificatietechniek, d.w.z. het ultrasnel verglazen zonder de vorming van ijskristallen.
Vandaag verlopen de meeste eiceldonaties via de eicelbank, omdat het patiëntvriendelijker en efficiënter is.
  • Het laat het gebruik toe van patiëntvriendelijker stimulatieschema's.
  • Het biedt vrijheid in de planning doordat de cycli van donor en acceptor onafhankelijk van elkaar kunnen verlopen.
  • De eicellen worden efficiënter benut: één donor kan meerdere acceptoren bedienen.
  • Er is een betere matching mogelijk van uiterlijke kenmerken tussen donor en acceptor.