Stimulatie van de eierstokken
Onder invloed van de stimulatiekuur komen verschillende follikels tot ontwikkeling |
|
Hormoonpreparaten en antihormonen
Mogelijke bijwerkingen
In
Theorie hebben we gezien dat in de natuurlijke cyclus doorgaans maar één follikel volledig uitrijpt tot een vruchtbare eicel.
Een vruchtbaarheidsbehandeling omvat daarom vaak een stimulatie van de eierstokken via de toediening van hormonen. Dat wordt gedaan om het proces van eicelrijping te ondersteunen en|of om meerdere eicellen tegelijk tot onwikkeling te brengen.
Welke stimulatiekuur wordt gebruikt hangt grotendeels van de soort behandeling af, daarom bespreken we de stimulatie bij elke behandeling apart. Hier hebben we het over de algemene principes.
Hormoonpreparaten en antihormonen
Voor de stimulatie van de eierstokken worden ofwel hormonen gebruikt die ook, zij het in andere omstandigheden of op andere tijdstippen, door het lichaam van de vrouw worden geproduceerd (zie
de vrouw hormonaal), ofwel wordt de hormonale huishouding van de vrouw met synthetische middelen om de tuin geleid en zo gestimuleerd.
De hieronder opgesomde middelen kunnen alle in de stimulatiekuur gebruikt worden; alleen hCG dient specifiek om de eisprong uit te lokken.
- anti-oestrogenen: soms wordt gebruik gemaakt van anti-oestrogenen - een synthetisch aangemaakte stof - om de eierstokken (licht) te stimuleren. Hoe dat precies werkt, lees je onder clomifeencitraat.
- aromatase-remmers: dit synthetische middel remt de omzetting af (in de eierstok) van mannelijk hormoon (testosteron) naar vrouwelijk hormoon (oestrogeen). Hierdoor zullen, net als bij clomifeencitraat, de hypofyse en hypothalamus de indruk krijgen dat er te weinig oestrogeen aangemaakt wordt en daarom extra FSH naar de eierstok sturen, waardoor die gestimuleerd wordt.
- hMG (humaan menopauzaal gonadotrofine) is een mengsel van FSH en LH. Het gehalte van die beide hormonen is zeer hoog bij vrouwen in de menopauze. In de IVF|ICSI-behandeling wordt een uit menselijke urine gezuiverde vorm gebruikt met dezelfde werking als FSH.
- FSH (follikelstimulerend hormoon) is een geslachtshormoon dat de hypofyse vrijmaakt en zorgt voor het ontstaan en de groei van de follikels in de eierstokken. In de IVF|ICSI-behandeling wordt een uit urine gezuiverde vorm gebruikt;
- rec-FSH. Het lichaamseigen FSH kan intussen ook synthetisch nagemaakt worden: 'rec' staat voor 'recombinant';
- LH (luteïniserend of rijpingshormoon) het geslachtshormoon dat uiteindelijk de eisprong opwekt, wordt niet medicinaal geproduceerd omdat het vervangen kan worden door hCG, dat dezelfde werking heeft. Er bestaat wel een synthetisch nagemaakt product, rec-LH, dat in België voorlopig niet op de markt is;
- hCG (humaan chorion gonadotrofine) of het zwangerschapschapshormoon. Dat kan gepuurd worden uit de urine van zwangere vrouwen en bij toediening ervan op het juiste moment van de stimulatiekuur, heeft het dezelfde werking als LH: het lokt binnen de 36 tot 42 uur de eisprong uit.
Mogelijke bijwerkingen
Meerlingzwangerschap
|
Echografie van een drielingzwangerschap |
Een belangrijke ongewenste bijwerking van de hormonale stimulatie van de eierstokken is de verhoogde kans op een meerlingzwangerschap. Doordat meerdere eicellen tegelijk tot rijping komen, kunnen er ook meerdere bevrucht worden
.Bij een meerlingzwangerschap stijgt het risico op een miskraam, een vroegtijdige bevalling of andere problemen. Ook de perinatale sterfte (het aantal kinderen dat sterft tussen de 28ste week van de zwangerschap en de zevende dag na de geboorte) ligt bij meerlingen beduidend hoger.
De kans op een meerlingzwangerschap hangt van verschillende factoren af.
Ten eerste is er de gebruikte medicatie:
- het GnRH-pompje (zie ovulatie-inductie) brengt een hormoon in het bloed dat vanuit de hersens het bevel geeft om de gonadotrofines FSH en LH vrij te maken. Het werkt eerder regulerend dan stimulerend. Bij vrouwen die via deze methode zwanger worden blijft het aantal tweelingen beperkt tot minder dan vijf procent;
- bij toediening van FSH en LH (of de synthetische variant rec-FSH) kan de kans op een tweeling oplopen tot 25 procent. De gonadotrofines werken immers rechtstreeks in op de geslachtsorganen en zetten de eierstokken aan tot de ontwikkeling van meerdere eicellen tegelijk;
- een 'lichtere' stimulatiekuur - die vooral wordt gebruikt bij coïtustiming en kunstmatige inseminatie - bestaat doorgaans uit de inname van clomifeencitraat, een anti-oestrogeen. Deze methode geeft een risico tot tien procent op een tweeling.
Maar natuurlijk is ook de vruchtbaarheidsbehandeling zelf doorslaggevend
- Zowel bij coïtustiming als kunstmatige inseminatie wordt via een echografie vooraf gecontroleerd of er niet meer dan drie rijpe follikels (>17 mm doorsnee) te zien zijn. Is dat wel zo, dan wordt - omwille van de al te grote kans op een meerling - de volgende keuze voorgesteld: stopzetting van de behandeling; het aanprikken van een aantal follikels zodat er slechts één, maximum twee overblijven en/of de oveschakeling naar IVF|ICSI. De rijpe eicellen worden geoogst om in het laboratorium bevrucht te worden met de spermacellen van de partner. Sinds kort bestaat een vierde optie: de eicellen worden alle verzameld tijdens een pick-up en ingevroren. De bedoeling is dan om ze in een later stadium te dooien en in-vitro te bevruchten.
- Voor IVF|ICSI volgt het CRG de geldende wetgeving (schema, zie wettelijke beperkingen):
- bij vrouwen onder de 36 jaar wordt slechts één embryo teruggeplaatst bij de eerste en de tweede behandeling. Slechts in uitzonderlijke gevallen mogen het er twee zijn bij de tweede poging. Bij de derde en verdere pogingen maximum twee.
- vanaf 36 jaar mogen twee embryo's teruggeplaatst worden bij poging één en twee; en drie vanaf poging drie;
- vanaf 40 jaar geldt geen beperking voor het aantal terug te plaatsen embryo's. Het zal bepaald worden in samenspraak tussen jullie als paar en je arts.
Ovarieel hyperstimulatiesyndroom Deze bijwerking kan zich soms voordoen in een IVF|ICSI-behandeling en wordt daarom daar besproken: klik op
OHSS.
Twee kritische vragen over de stimulatiekuur