Consulteer de meest gestelde vragen

Vaccinatie

Vaccins die afgezwakte levende virussen of bacteriën bevatten, worden afgeraden tijdens een vruchtbaarheidsbehandeling en zwangerschap. Als je een dergelijk vaccin moet krijgen, moet je daarna minstens 4 weken wachten voor je probeert zwanger te worden. Een voorbeeld hiervan is het Rubella vaccin. Het griepvaccin daarentegen wordt ten sterkste aangeraden voor het aanvangen van een fertiliteitsbehandeling, of liefst na het eerste trimester, zo nog nuttig.

Griepvaccin

Een zware griep (influenza) kan schadelijk zijn voor de gezondheid van de foetus of baby. De mogelijke gevolgen zijn vroeggeboorte, verminderd geboortegewicht, miskraam en zelfs overlijden van het kind kort na de geboorte. De Hoge Gezondheidsraad beveelt vaccinatie aan vóór de start van het griepseizoen. De ideale periode voor vaccinatie is tussen half oktober en half november. Het griepvaccin wordt dus ten sterkste aangeraden vóór het aanvangen van een fertiliteitsbehandeling, in deze periode. Het griepvaccin is veilig, ook als je borstvoeding geeft: het bevat geen levende virusdeeltjes en kan geen griep veroorzaken bij jou of je ongeboren baby. Alleen als je allergisch zou zijn voor kippeneiwit mag je je niet laten inenten. Vaccinatie zorgt ervoor dat je veel minder risico loopt om ziek te worden, maar bovendien geef je via de placenta afweerstoffen door aan je baby. Die is daardoor na de geboorte dubbel beschermd: door zijn eigen afweerstoffen en door het feit dat jij de griep niet kan doorgeven, omdat ook jij beschermd bent.
Vaccinatie tegen rodehond, bof en mazelen

De kinderziekten rode hond (rubella), bof en mazelen zijn besmettelijke virale infecties, die overgedragen worden via hoesten, niezen en praten (speeksel). In westerse landen hebben de meeste mensen deze ziektes doorgemaakt of zijn ze ertegen gevaccineerd. Toch is een klein percentage vrouwen niet levenslang beschermd. Voor zwangere vrouwen is vooral een besmetting met rubella erg risicovol. Gelukkig komt het zelden voor, maar in het bijzonder in de eerste maanden van de zwangerschap kunnen de gevolgen zeer ernstig zijn: miskraam, groeiachterstand, doodgeboorte en uiteenlopende afwijkingen bij de baby. Na 16 weken zwangerschap verkleint het risico op afwijkingen. Omwille van die risico’s voor de baby gaan we voorafgaand aan je MBV-behandeling met een bloedtest na of je antistoffen hebt tegen rubella. In België is het vaccin tegen rubella een combinatievaccin dat je meteen ook tegen mazelen en bof beschermt. Het wordt 2 keer toegediend, met een tussenpauze van vier weken. Na de laatste inspuiting moet je minstens 4 weken wachten voor je probeert zwanger te worden of start met een MBV-behandeling. In het geval je onvoldoende resterende bescherming zou hebben van het vaccin uit je kindertijd, wordt een eenmalige ‘booster’ voorgesteld met opnieuw 4 weken wachttijd na deze injectie. Indien je dergelijke boosterinjectie in de voorbije 5 jaar reeds hebt gehad, hebben bijkomende boosterinjecties nog weinig nut bewezen.

Covid19

We volgen het advies van de Belgian Society for Reproductive Medicine. We adviseren om jou (en je partner) om je te laten vaccineren voor aanvang van je vruchtbaarheidsbehandeling of zo spoedig mogelijk tijdens een reeds opgestarte behandeling. Op geen enkel moment houdt vaccineren een extra risico in voor jezelf, je (toekomstige) behandeling of je zwangerschap. Het doormaken van COVID tijdens een zwangerschap is daarentegen wél risicovol, zowel voor de moeder, als voor het kind. Vaccinatie kan jou en je ongeboren kind in belangrijke mate beschermen tegen ernstige COVID-gerelateerde zwangerschapscomplicaties.

Vaccinatie tegen kinkhoest

Kinkhoest is een ernstige en zeer besmettelijke ziekte van de luchtwegen en het strottenhoofd. Deze bacteriële infectie wordt overgedragen door hoesten en niezen en via de handen. Vooral bij baby’s kunnen zich, o.a. door de zware hoestbuien en het hardnekkige slijm, ernstige complicaties voordoen. Vaccinatie of de ziekte doormaken biedt geen blijvende bescherming, zeker niet als je lang geleden gevaccineerd bent. Je kan je tijdens de zwangerschap laten vaccineren tegen kinkhoest. Zo bescherm je jezelf en de foetus tegen de ziekte. Het beste moment is tussen 24 en 32 weken zwangerschap. Dan is er voldoende productie van antistoffen om de baby te beschermen in de eerste 2 maanden van zijn leven. Dat is het moment waarop hij of zij zelf gevaccineerd wordt. Vaccinatie van de andere gezinsleden is eveneens aangeraden.

Hepatitis B

Hepatitis B is een virale aandoening die de lever aantast. Overdracht gebeurt hoofdzakelijk door contact met besmet bloed. De ziekte verloopt vaak onopgemerkt. Mensen die ze hebben gehad, kunnen daarna drager blijven van het virus. Als je zwanger wil worden via een vruchtbaarheidsbehandeling is het een goed idee om je te laten vaccineren tegen hepatitis B. Zo vermijd je mogelijke besmetting met het virus tijdens je zwangerschap en de mogelijke overdracht naar de foetus. Als je een gezonde drager bent van hepatitis B, is er tijdens de zwangerschap weinig gevaar voor de foetus. Het risico op overdracht via de placenta is zeer klein. Het grootste risico loopt de baby tijdens de geboorte, doordat hij/zij na het breken van de vliezen in contact komt met het virus in je lichaamsvocht. Om je baby te beschermen zullen we hem of haar enkele uren na de geboorte een inspuiting geven met antistoffen tegen hepatitis B. In een latere fase volgt vaccinatie.

Hepatitis C

Zoals hepatitis B is hepatitis C een virale aandoening die de lever aantast en vooral overgedragen wordt door contact met besmet bloed. 70% van de geïnfecteerde personen ontwikkelt een chronische actieve hepatitis, met risico op levercirrose en leverkanker tot gevolg. Er bestaat geen vaccin tegen hepatitis C. Om het infectierisico tijdens seksueel contact zo laag mogelijk te houden, bevelen we alle patiënten met hepatitis C het gebruik van condooms aan. Voor de baby geldt bij hepatitis C hetzelfde als bij hepatitis B: klein risico op overdracht tijdens de zwangerschap, grootste risico tijdens de bevalling. Maar tegen hepatitis C bestaat geen vaccin en dus kan de baby na de geboorte niet ingeënt worden. We zullen hem of haar 6 maanden na de geboorte controleren op de aanwezigheid van het virus.

Syfilis

Syfilis is een seksueel overdraagbare infectieziekte. Er bestaat geen vaccin tegen. Tijdens de zwangerschap kan je de bacterie via de moederkoek doorgeven aan de foetus. 30% van de foetussen ondervindt daar geen hinder van, maar 70% heeft een verhoogd risico op een reeks uiteenlopende afwijkingen. Als we bij de bloedtest vóór de MBV-behandeling syfilis vaststellen bij jou en/of je partner krijg je eerst een antibioticakuur om de infectie te bestrijden. Je MBV-behandeling zal dan worden uitgesteld.

Hiv

Hiv is het virus dat aids kan veroorzaken, d.w.z. de progressieve aantasting van je immuunsysteem. Het is een chronische aandoening: als je besmet bent, blijft het virus in je lichaam en kan je het overdragen. Besmetting gebeurt door contact met lichaamsvochten die het virus bevatten. Daardoor kan een hiv-positieve zwangere vrouw het virus doorgeven aan haar baby. Hiv verhoogt de kans op foetale sterfte, miskraam en vroeggeboorte. Voor hiv-positieve wensouders starten we bij voorkeur een antivirale therapie op vóór het begin van je vruchtbaarheidsbehandeling. Zo kunnen we de hoeveelheid actieve viruspartikels in het bloed verminderen, wat heel belangrijk is om het risico dat de baby (en anderen) besmet raakt, sterk te reduceren.

Sluiten

Verbouwingen Brussels IVF:

Om jouw comfort en privacy te verhogen zijn er momenteel verbouwingswerken aan de verpleegeenheid (VP03) van Brussels IVF. Het einde van de werken is voorzien in midden maart 2024.

De voorbereiding voor een interventie waarbij een opname vereist is (eicelpunctie, (kijk)operatie, …) en nazorg zullen tijdelijk op een andere verpleegeenheid in het UZ Brussel uitgevoerd worden.

Tijdens je behandeling garanderen we dezelfde kwaliteit van zorg maar mogelijks ervaar je tijdens deze periode minder comfort omwille van de tijdelijke locatie met beperkte ruimte.  Om dezelfde reden kan je partner of begeleider niet aanwezig zijn tijdens je verblijf.

Lees alle info over de impact op jouw behandeling en consulteer de vaak gestelde vragen.